Waarom we het niet over gebruik hebben, zelfs niet als we afhankelijk zijn.

@cetera
een poging tot nuancering 

We geven niet graag toe dat we gebruiken of gebruikt hebben.

PraatmetHans_Stigma en SchaamteAls ik het over mijn puberteit heb en vertel wat ik daarin gebruikt heb, dan krijg ik vaak één van de twee reacties. Mensen gaan fronsen en vinden het maar verwerpelijk dat ik dat zo hardop zeg. Of anders krijg ik een zorgelijke blik en vragen over de duur van mijn behandeling. Gelijk maar het antwoord op die laatste vraag; voor het overwinnen van al die ‘verslavingen’ heb ik in totaal 2 sessies gehad. Even tussendoor, in de middagpauze van mijn werk. Om te stoppen met roken. Waarvan de eerste ook nog eens niet doorging omdat ik mijn huiswerk niet gemaakt had -daarmee een goede sessie, trouwens-.

Maar ik merk regelmatig dat, als ik het bespreekbaar maak met mensen die niet bekend zijn met drugs dat er een reactie ontstaat waarin men je niet serieus meer neemt: een zorg-reactie of een reactie waarin men mijn meent te kunnen afkeuren als volwaardig mens. Aan de andere kant zijn er de gesprekken met mensen die wel gebruiken of gebruikt hebben en daar gebeurt er iets volledig anders: ze hebben het er niet over. Ze begrijpen dat de middelen niet belangrijk meer zijn in mijn leven. Ze stellen een drankje voor, een jointje of een lijntje (dat zij verder goed kunnen betalen omdat zij een baan hebben en een leven dat in controle is) maar vooral hebben we het over de manieren waarop we gelukkig worden in deze wereld. Er is geen enkele behoefte om lang te praten of te bloggen of te discussiëren over gebruik. En openheid van zaken naar andere mensen? Nou nee, dat geeft maar gedoe op je werk. Dat kan je zelfs direct in de problemen brengen.

Laatst gaf ik in het kader van het herkennen van druggebruik en het omgaan daarmee weer eens een training aan mensen die met moeilijk opvoedbare jongeren werken. Toen ik vroeg wie er wel eens wat had gebruikt was er wat onrustige geschuifel op de stoelen en al gauw werd duidelijk dat je bij het afdelingshoofd geroepen zou worden als men hardop zou uitspreken dat er sprake zou kunnen zijn van gecontroleerd gebruik van middelen. Alcohol: geen probleem en carnaval werd zelfs in de bedrijfskantine gevierd…

tussendoor…
Eigenlijk te waanzinnig voor woorden maar ik moet hier even duidelijk maken dat ik er dus uiteraard(!) echt op tegen ben om onder invloed op je werk te verschijnen. Mijn strikte weigering om te rijden als ik ook maar één drankje heb gedronken mag daar een voorbeeld van zijn. Sterker nog ik denk dat er minder mensen onder invloed op hun werk zouden verschijnen -of met een kater die eigenlijk regelrecht gelijk staat met “onder invloed zijn”- wanneer we ook op de werkvloer meer open zouden spreken over alcohol en/of druggebruik.

Iedere keer dat er onderzoek naar middelen gebruik is dan blijkt weer dat er honderdduizenden gebruikers zijn van middelen in Nederland. Het is in onze cultuur normaler om wèl te drinken dan om niet te drinken en de cocaïne is terug te vinden in ons afvalwater.
Maar we hebben het daar niet over. Het wordt gewoon niet hardop uitgesproken omdat we weten dat er een maatschappelijke reactie op komt die maakt dat je niet serieus wordt genomen. Niet serieus genomen omdat er onterecht van uit wordt gegaan dat je “ziek” bent of dat je een gevaar bent.

but i didn’t inhale…

Deze maatschappelijke reactie zie je ook terug aan het aantal politici dat (onder journalistieke druk) inmiddels aangeeft “wel eens een jointje gerookt te hebben”. Ook al is die groep nog steeds opvallend klein en is er binnen die groep dan weer een opvallend grote groep die “het echt maar één keertje heeft gedaan” (neem mij mijn gebruik niet kwalijk want het was maar een foutje en echt niet iets dat ik leuk vond om te doen) en een ander deel heeft dan wel een paar keer een jointje gerookt “maar heeft heus niet geïnhaleerd” (hoe moet ik iemand serieus nemen die te stom is om te begrijpen dat je iets moet inhaleren als je het rookt – dat, of ik moet aannemen dat ie alleen maar heeft gerookt om indruk te maken op z’n vriendjes). Het is alleen maar een voorbeeld van de manier waarop de maatschappelijke discussie wordt gekleurd door mensen die het niet hebben over gebruik.

Welke mensen praten wel over middelen gebruik?

Aan de andere kant zijn er natuurlijk mensen die het echt wèl hebben over middelen en middelengebruik.
Gelukkig voor een goede discussie kunnen de mensen die het slachtoffer zijn geworden van alcohol of druggebruikers wèl rekenen op een luisterend oor. De ouders van verslaafde kinderen, de kinderen van verslaafde ouders, de partners of de collega’s die met afschuw naar de verslaafde hebben leren kijken en (misschien genetisch net zo gevoelig voor verslaving) door hun afschuw geen gebruik hebben meegemaakt die hun verslaafd zou kunnen maken. Zij hebben erdoor geleerd om zonder middelen hun leven te leiden, zij voelen de drang niet en hebben (volledig terecht) heel erg weinig begrip voor de mensen met een verslaving.
Een beetje vervelend is natuurlijk dat de slachtoffers van middelen en hun gebruik een aanklaag- of een redder-reactie krijgen in de media. Maar ik ben niet van het mond snoeren en ben blij dat ook de nadelen van middelengebruik helder voor het voetlicht worden gebracht want verslaving en afhankelijkheid is een realistisch probleem bij veel -ook maatschappelijk geaccepteerde- middelen die maar beter duidelijk kan worden gemaakt voordat mensen aan die middelen verslaafd raken.

slachtoffers zijn ook de ‘daders’

Dat praten over middelen, dat geldt natuurlijk speciaal voor de mensen met verslavingen. Wanneer praten mensen met een verslaving over hun gebruik? Dat gebeurt namelijk niet makkelijk. Ja over de redenen waarom je zou moeten stoppen, ja. Maar je praat al zeker niet over de redenen waarom het aantrekkelijk leek om te gebruiken.
De mensen met een verslaving die er wel over praten? Dat is de alcoholist of drugverslaafde die de grip op zijn leven is kwijt geraakt, die de controle op het gebruik van het middel volledig uit de hand heeft laten lopen doordat het middel in hun middenhersenen aanhaakte (genetisch bepaald of ontstaan door voldoende gebruik) en dus het gedrag begon te bepalen. De mensen die echt “hooked” zijn en zich los moesten worsten van het gebruik van het middel. Dat zijn de mensen die niet meer gebruiken in deze wereld waarin het eigenlijk geleidelijk ‘normaal’ is geworden om wel te kunnen gebruiken.

Dat zijn de mensen die kapot gaan als zij toch nog gebruiken. Het zijn de mensen die de moed hebben om uit die “gewone” wereld te stappen door niets meer te gebruiken, door te kiezen voor abstinentie. Mensen die hun leven dus willen leiden zonder het sociaal geaccepteerde glijmiddel (alcohol) en/of zonder één van de andere mogelijkheden die onze maatschappij inmiddels heeft. En natuurlijk moet je dat verantwoorden naar je omgeving als je beslist om niet te drinken. Dat vereist tegenwoordig echt uitleg. Dus natuurlijk helpt het enorm om dat samen te doen met andere mensen die in dezelfde situatie zitten. Ervaringsdeskundigheid delen is een groot goed.

luidruchtige peptalk

De mensen die we wél horen dat zijn de mensen die zichzelf moed in peppen met oneliners die maken dat zij niet naar onderliggende oorzaken hoeven te kijken. “Nee ik snap het nu helemaal! Nu stop ik echt want nu wil ik echt niet meer”…
De mensen die denken dat je een verslaving kunt overschreeuwen door maatschappelijk geaccepteerde oneliners vooral heel hard te herhalen.

Begrijp me goed iedere terugval die voorkomen kan worden is er eentje. Maar juist die ont-zet-tend gemotiveerde klanten die alle goeie behandel-teksten kennen om iedereen naar de mond te praten en iedereen tevreden te maken behalve zichzelf, die zie je regelmatig een jaar of twee later weer bij de voordeur. Niet alleen teruggevallen maar omdat ze zich kapot schaamden omdat ze zo hard hadden geblaat dat zij het “echt nu zeker wisten dat zij het nooooit meer zouden doen” hebben zij vervolgens ook een jaar lang gevochten om het in hun eentje te doen en gaandeweg zijn ze zo veel verder afgegleden dan dat was gebeurd als ze gewoon hadden gedacht: “fuck, dat is al het tweede uitglijdertje deze maand, laat ik even contact opnemen want er gaat iets niet goed met mijn (chronische) aandoening”.

Die mensen hoorde je in de discussie over verslaving en abstinentie heel erg duidelijk in het eerste half jaar na hun behandeling. Maar toen ze gingen glijden hoorden we ze ineens… veel minder
…en dat zeg ik dus niet als verwijt maar omdat het zo doodzonde is voor de discussie over verslaving en even zo doodzonde is voor henzelf en hun omgeving dat we toen niet van ze hebben gehoord wat er speelde, dat we ze een jaar later pas weer horen als er inmiddels zó veel kapot is dat ze inmiddels zo veel hoger scoren voor bio-verslaving, voor emo-afhankelijkheid zodat ze wel weer moesten aanmelden, ondanks de schaamte.

De groep die niet hardop praat

Maar de groep van de mensen die eigenlijk niet zo sterk in de problemen kwamen, de groep mensen die biologisch misschien wat minder verslaafd waren (want een verslaving is niet “aan-of-uit” verlaging is een gradueel proces) wat doen die mensen?

je kunt een onvoldoende hebben voor verslaving.. en er dus weinig last van hebben, je kunt een negen of een tien hebben voor verslaving.. en dus klinische opname nodig hebben en absolute abstinentie omdat het anders onmogelijk is om controle over het gebruik vast te houden. Maar daar zit ook een groep tussen van mensen die een vier-en-een-half of een dikke zes heeft voor biologische verslaving (los van de psychologisch emotionele redenen waarom ze misschien te veel gebruikten).

Natuurlijk is het een zwaar risico voor de mensen met een acht-en-een-half om iedere keer opnieuw te gaan bedenken dat zij”toch misschien wel” een zesminnetje hebben voor verslaving (doordat hun verslaving het dicteert om het middel belangrijk te maken). Die discussie met jezelf voert tot gebruik als je ‘m maar vaak genoeg opstart. En beginnen met gebruiken is niet handig als je een dikke acht hebt voor biologische verslaving want dan starten met gebruik kukt wel maar stoppen gaat minder.

Maar er zijn ook mensen met een zes min voor verslaafdheid.
Die mensen willen voorzichtig willen proberen om na behandeling te kijken wat weer mogelijk is en wat onmogelijk is> Die mensen, die blijven vaak alleen staan. Als die zeggen dat ze misschien wel weer eens iets zouden willen uitproberen dan zijn er weinig mensen die serieus willen nemen wat de voordelen daarvan zouden zijn, waar de risico’s zitten, welke andere ontrollen mogelijkheden en welke regels er mogelijk zouden zijn. Behandelaars zijn bang om dat experiment aan te gaan, die zetten dan liever in op het zwart/wit “eens een verslaafde, altijd de noodzaak tot abstinentie” dat geldt voor de mensen die boven de ruim voldoende bio-verslaving scoren.

En wat voor de behandelaars geldt, dat geldt waarschijnlijk nog drie keer zo sterk voor de omgeving die hebben gezien wat er kapot lijkt te kunnen gaan door het gebruik. Nee, de angst voor het middel -soms(!) echt ongegrond- is zo groot in de omgeving dat er niemand meer is die met ze meedenkt. Dus het gevolg is dat mensen het zelf alleen en stiekum gaan uitproberen te vogelen met het gevolg dat ze dus in alle sloten lopen die je maar kunt bedenken, juist omdat ze het alleen en stiekem aan het doen waren. En juist dat soort uitschieters maken -want laten we duidelijk zijn: verslavende middelen zijn verslavend- dat mensen des te sneller van een voldoende voor biologische verslaving naar een ruim voldoende schuiven. En dat is natuurlijk weer voor voor de groep die zegt: “zie je wel!”

Als je over deze mensen denkt dan kan je jezelf goed voorstellen dat zij liever hun tong afbijten dan dat ze moeten toegeven dat zij uitglijden en even de controle verloren. Deze groep hoor je ook niet.

Ook de mensen die in behandeling zijn geweest om controle op hun middelengebruik terug te krijgen en die dus met succes aan hun emotionele afhankelijkheid hebben gewerkt (want emotionele afhankelijkheid laat zich behandelen maar biologische verslaving nog niet) dat is net zo goed een groep die je ineens weer veel minder hoort in de discussie over middelengebruik. Zij weten ook wel dat ze al in het verdomhoekje zitten en, meer nog dan mensen die geen behandeling hebben gehad, zij bij een uitglijder al heel snel “zie je nou wel” tegen komen inplaats van argumenten, ideeën, gesprekken over kosten en baten, over beslissingen en de houdbaarheidsdatum van beslissingen.

Als we praten over middelengebruik

Als we dit samenvatten dan is er dus een hele grote zwijgende meerderheid en een behoorlijk vocale groep tegenstanders van gebruik en een heel erg grote groep van mensen die er niets over durft te zeggen. Dat kleurt de discussie nogal.
Daardoor hebben we het al gauw niet meer over de rol van middelen in onze maatschappij. Over hoe normaal het is geworden. Zijn we nog in staat om het samen gezellig te hebben zonder alcohol te schenken? Kunnen we nog wel zonder of is de maatschappelijke druk van “lean and mean” inmiddels zo groot dat je zonder drank niet meer in slaap valt. Zijn de verkooptargets inmiddels zo hoog geworden dat je het eigenlijk niet meer kan trekken zonder snuifjes voor het gesprek?

Hierdoor hebben we het soms op scholen over de spannende manier van leven die bij de verslaving hoorde en gaat het ineens onvoldoende over de saaiheid van het verslaafd bestaan. Omdat iemand daar voor de klas staat te vertellen geeft dat verhaal van de ervaringsdeskundige toch soms voornamelijk voor de kinderen het beeld “dat het best spannend was, dat gebruik en dat je toch altijd wel weer de goede kant op kunt sturen -dus dat je d’r niet zo bang voor hoeft te zijn”.
Omdat we het niet over verslaving hebben, daardoor hebben we het niet over de eenzaamheid van de verslaafde en de eenzaamheid van hun slachtoffers, daardoor hebben we het niet over de emotionele redenen om te gebruiken en de eisen die mensen aan zichzelf stellen die soms bijna alleen maar met “chemische steuntjes in de rug” aankunnen, daardoor hebben we het niet over mensen die geen ruggegraad hebben meegekregen uit hun opvoeding waardoor zij gevoeliger werden voor verslaving, daardoor hebben we het niet meer over kinderen die overvraagd of onderprikkeld zijn in hun opvoeding waardoor zij gevoeliger werden voor verslaving. Daardoor hebben we het niet over de dingen die er soms achter de schermen gebeuren in gezinnen en relaties waardoor mensen gevoeliger werden voor verslaving.

Daardoor hebben we het niet over de geleidelijkheid waarmee verslavingen in een ontvankelijk brein inslijpen en niet over het plezier van gebruik dat je ook moet bewaken door actief te genieten. Daardoor geven we geen adequate voorlichting over gebruik en over geleidelijke verslaving en geen voorlichting over de emotionele redenen die mensen gevoelig kunnen maken voor afhankelijkheid. Daardoor hebben we het niet meer over het verschil tussen gebruik dat levenskwaliteit geeft en gebruik dat levenskwaliteit kost.
Dan gaan we makkelijk praten met makkelijke oplossingen die vooral lekker klinken in de media. Oneliners zoals: “just say no” bijvoorbeeld. Die het leuk doen in de media maar het blijkt van geen kant te werken omdat het werkelijke probleem zó veel ingewikkelder ligt.

Wat is de oplossing? Ik denk niet dat er een makkelijke oplossing is.
Ik denk dat een open en genuanceerde dialoog ons verder helpt en dat ingraven in zwart/wit-denken of vechten vanuit onze eigen geloofjes ons alleen maar verder van huis brengt. Ik hoop dat ik hier weer een aanzetje doe om daar over te denken en het daar met elkaar over te hebben. En ik hoop dat we snappen hoeveel er soms komt kijken bij een verslaving en dat we de quote van Einstein ook hier mogen toepassen:

Keep it simple; as simple as possible, but no simpler!
Albert Einstein

Gratis en zonder verplichtingen
zelfs geen emailadres als je niet wilt🙂

PraatmetHans.nl

Last van verslaving? PraatmetHans .nl

Geef hier jouw reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s