Gedachten over ‘Weerstand’… (bij #verslaving) – 02

Ik krijg wel ‘questions‘ over ‘weerstand’ bij de behandeling van verslaving. En ik kan eigenlijk alleen maar als ‘answer‘ zeggen dat juist mijn verbazing over het verwijtende gemak waarmee die zogenaamde ‘weerstand’ bij de cliënt wordt neergelegd, voor mij de reden is geweest om een begin te maken met integrative addiction management.
Niet om het moeilijker te maken dan het is, maar juist om duidelijk te maken hoe lastig het soms is! Zodat je ophoudt om jezelf op je kop te zitten als het lastig is onderweg… Zodat je er verantwoordelijk mee aan de slag kunt met elkaar (en dit geldt inderdaad ook als jij jouw eigen ‘self-coach’ bent).

[Deel 01]
over dopamine en veroordeling
[Deel 02]
over minstens twee paletten
[Deel 03]
over de emoties over verslaving
[Deel 04]
over (jouw/jullie) toekomst

Het ‘ut’-denken versus het “palet” denken

Je kunt  er eens over denken hoe of dat regelmatig gebruik van middelen om jezelf beter te voelen een uitwerking heeft op je manier van denken. We nemen als mens namelijk ons denken vaak een beetje te serieus. Want iedereen die eerlijk is die (h)erkent wel dat je soms echt dingen aan het denken bent die gewoon niet handig zijn. Dus laten we eens kijken wat er gebeurt met gebruik maar laten we dat niet met een oordeel doen maar heel nuchter bezien wat er logischerwijs gebeurt door herhaald gebruik dat het doel heeft om je gevoel te veranderen.

Laten we duidelijk zijn, het begint er ermee dat je jezelf niet goed voelt over iets.
En dat ‘iets’ dat had natuurlijk altijd een context waar binnen iets niet goed voelde. Het had een aanleiding waardóór iets zich ontwikkelde op een manier die achteraf blijkbaar niet goed voelde. In ieder geval waren er dingen waardoor iemand zich bedacht dat er verandering van de situatie nodig was, iets waardoor je jezelf beter zou gaan voelen. En op dat moment was er een voorbeeld, of kwam er iemand met het idee dat er daarvoor een chemisch middel was dat ervoor kon zorgen dat het gevoel in die situatie zou verbeteren. Op zichzelf een uitstekend idee, natuurlijk. Werkelijk niks mis mee -en ik zeg dit zonder cynisme-.


Opluchting is een belangrijk gevoel (making feelings)

Iets waar je op dat moment waarschijnlijk niet zo over denkt dat is dat dit middel natuurlijk wel goed werkte, en dat je dus een ‘opluchting’ of een ‘invulling’ kon ervaren zonder dat je jezelf bezig hoefde te houden met aanleidingen of de context van de aanleiding tot de gevoelens van onbevredigdheid… Je leert je brein op zo’n moment dat je jezelf op een magische manier ineens goed kan laten voelen in een situatie die natuurlijk niet helemaal klopt bij dat gevoel dat je chemisch gemaakt hebt.
Die stap dat je een gevoel ineens kunt ‘maken’, terwijl gevoelens tot op dat moment meestal ‘vanzelf ontstonden’.door de situatie, dat is een kwantumsprong in je manier van denken over gevoelen en situaties die gevoelens geven. Dat is een manier van denken die maakt dat je dingen kunt beleven die ook ineens een doel kunnen zijn… (“jee joh, dat ik me zo rustig/ lekker/ vrij/ zelfverzekerd kan voelen!…”) Dat is gunstig natuurlijk. Maar als je niet hebt leren denken over het feit dat chemisch opgewekte ervaringen een manier zijn om een doel te herkennen in je manier van denken, in je wereldbeeld, in je zelfbeeld (vergelijk de boeken van Carlos Castaneida) en dat er natuurlijk wèl een verschil is tussen het doel en de weg naar dat doel. Dan overbelicht je makkelijk de positieve aspecten van middelengebruik en ontwikkel je weinig oog voor de risico’s. Dan kies je in jouw manier van denken makkelijk voor de oplossing van de maakbaarheid van gevoelens, een ‘oplossing’ voor lastige of ongewenste gevoelens, die maakt dat ik me ineens niet meer zo hoef bezig te houden met de context en de oorsprong van mijn gevoelens. Sterker nog, dat ik mij helemaal niet meer zo hoef bezig te houden met gedachten over mijn gevoelens… Nog sterker, ik hoef mij niet meer bezig te houden met het voelen van mijn gevoelens of het verwoorden van mijn gevoelens. Als ik het juiste middel weet te scoren dan dan is mijn gevoel ‘goed’…


Het versmalde palet van het gevoelsleven

Dat is natuurlijk een versmalling in het denken over jouw eigen gevoelsleven die je héél duidelijk terugziet bij jonge mensen die op hun 14e-15e zijn begonnen met “zuipen en pillen droppen…” en die dan vervolgens ergens rond hun volwassenwording in de verslavingszorg terecht komen omdat het gebruik te veel uit de hand is gelopen.

Ik zeg dit zonder veroordeling of zelfs maar een oordeel over hun intelligentie of hun werkelijke gevoelsleven, maar als je hen vraagt wat ze voelen dan hebben ze vaak maar een smal paletje van gevoelens over. Het bestaat vooral nog uit ” ik voel me kut! (en dus craving)” òf “geweldig!”. Basis-emoties als nieuwsgierigheid, verdriet, schaamte, trots, begeerte zijn gaandeweg een beetje van het emotioneel palet geveegd (of er misschien soms zelfs niet eens ooit op aangebracht) (..). Gevoelens zijn vooral “dingen waar iets aan gedaan moet worden”… en je mag maar één keer raden wat je er aan kan doen?..

Waarschijnlijk is er zelfs een fase waarin het gevoel van de emotie zelf er nog wel is, maar dat er eigenlijk steeds minder grip meer op is, dat er geen woorden meer voor zijn, en geen mensen waarmee over die gevoelens gesproken kan worden, dat de manieren van expressie van die emotie steeds verder wordt ingeperkt waardoor het gevoel van die emotie steeds verder uit de hand loopt.
De meeste mensen met een verslaving die kennen wel dat gevoel dat je soms zo enorm door opgelopen grote gevoelens kan worden meegesleurd. Waarschijnlijk heeft dat hier mee te maken. Gaandeweg dreigt, dat je vooral grip verliest op de gevoelens van de emoties en dat je dan eigenlijk géén andere keuzen meer hebt dan òfwel het het verdoven òfwel het overschreeuwen van die emotie.


“ut moet gewoon”

In workshops en therapieën vergelijk ik gevoelens vaak met ‘koffers’ die jouw denkend brein een plek moet geven, waar jouw denkend brein iets mee moet doen in jouw leven. Ik vraag dan vaak om je voor te stellen hoe veel koffers ik kan vasthouden als er geen handvaten aan die koffers zitten. Want in deze metafoor zijn de (emotie)woorden die bij deze gevoelens horen natuurlijk de handvaten. Als ik me bedenk wat ik voel, dan kan ik me bedenken wat ik met dat gevoel kan doen. Als ik dat lastige gevoel bijvoorbeeld als “angst” benoem, dan weet ik dat ik voor veiligheid moet zorgen, dat ik misschien moet zorgen dat die koffer wat kleiner wordt omdat ie wel wat groot is in mijn leven… Als ik datzelfde gevoel “trek” noem (craving), dan kan ik eigenlijk alleen maar gebruiken om het gevoel minder te laten worden zodat ik het een plek kan geven.
Het juiste woord voor een gevoel kan maken dat ik meerdere koffers tegelijkertijd kan dragen en dat ik weet waar ik ze in het rek moet zetten. Zonder, dan kan ik er alleen maar mee op schoot blijven zitten. En met een verkeerd handvat zet ik misschien die koffer wel op een heel onhandige plek neer…

Je hoort dan vaak opmerkingen als: “Maar als ik “ut” voel, dan moet ik gewoon gebruiken!…” waarbij dan het gevoel dan zo snel mogelijk weggewerkt moet worden, vaak nog vóór dat het een woord krijgt dat bruikbaar zou kunnen zijn geweest om over dat “(k)“ut”gevoel” na te denken en er grip op te krijgen.

Er is misschien wel boosheid, bijvoorbeeld.
En waarschijnlijk is er ook het gevoel van de adrenaline die door de aderen stroomt, dat bij de emotie boosheid hoort. Maar er is gebruik om dat onrustige gevoel weg te werken. Er wordt dus ook verder niet gedacht over het gevecht (je bent immers altijd “boos” omdat er iets bevochten moet worden), iets dat misschien gewonnen zou moeten worden. Of aandacht voor de vergeving die misschien nodig is voor het verzachten van die boosheid.
Er is misschien wel verdriet, bijvoorbeeld.
Maar er hoeft helemaal niet te worden nagedacht over de vraag of het wel verdriet is, of de dingen die gemist worden werkelijk wel verloren zijn, over de vraag wie er zou moeten troosten en wat je moet doen om een band te hebben waarin je jezelf veilig kunt laten troosten.
Er is misschien wel angst.
Maar er hoeft niet meer te worden nagedacht over het realiteitsniveau van die angst, of ie terecht is of niet. En er hoeft al helemaal niet te worden gewerkt aan het aankijken en uithouden van die angst als je er aan wilt werken om die angst te verminderen, of aan vluchtwegen om in veiligheid te komen.

heb je er ooit over nagedacht waarom veel mensen met chronisch gebruik zichzelf in situaties blijven brengen waarin zij in gevaar zijn zonder dat zij zelf dóór hebben dat zij in gevaar zijn?

Alles wat zij nog aan emoties weten te voelen is “ut”… en het is bekend wat je daar aan kan doen. Dan wil je “ut” weer gebruiken (bij afhankelijkheid aan middelen), “ut” weer doen (bij afhankelijkheid aan bepaald gedrag). Nogmaals, daarmee zeg ik niet dat zij geen groot ‘gevoel’ hebben! Maar soms lijkt het dat -van buitenaf gezien- de dingen ze koud laten, waarschijnlijk vaak omdat ze niet meer weten hoe te reageren (anders dan gebruik).

Enerzijds is het palet van het gevoelsleven ingeperkt, anderzijds is het gedragspalet van oplossingen dus net zo goed ingeperkt. Als je “ut” gebruikt/doet dan is het gevoel ‘opgelost’ of ‘ingevuld’… géén verder gedrag meer nodig, géén woorden meer aan vuil maken.
Héérlijk natuurlijk ook, zeker in onze maatschappij die het eigenlijk ook liever niet zo graag over vervelende gevoelens heeft, waar je vooral ‘likes’ lijkt te moeten scoren op Facebook.

Inderdaad een stukje maatschappij kritiek ja, waarbij ik niet tot de groep hoor die de hele ‘schuld’ van verslaving bij de maatschappij willen leggen. Maar laten we wel zijn: de meest emotioneel verarmde gebieden in deze wereld zijn wel de plekken waar verslaving het hardst om zich heen slaat. De stukken in Nederland waar niks te doen is, de slums in zuid Amerika, de saaie middenstukken van Amerika waar nergens iets gebeurt als op TV: een verrekijker naar elders! En vergelijkbaar met ‘Rat-park’ of IJsland is in mijn ogen de beste medicijn tegen verslaving: aandacht voor levenskwaliteit.

Dus je hebt eigenlijk een dubbele tegenwerking: intern lijkt de “ut”-oplossing makkelijker en sneller, vereist minder zelf-onderzoek (maar geeft dus op den duur dat je afleert hoe je dat zonder chemische ‘ruggesteun’ zou kunnen doen) en extern leven we in een maatschappij waarin niet zo veel opbouwende aandacht is voor lastige gevoelens. We hebben ook al snel het gevoel dat we er andere mensen niet mee ‘lastig’ moeten vallen. De gevolgen van de ‘me-decade’ uit de 80’s is dat we autonomie niet meer snappen als de verantwoordelijkheid om zelf naar je gevoelens te kijken en er met de mensen die belangrijk zijn in jouw leven aan te werken dat je elkaar zoveel mogelijk geluk en blijdschap laat meemaken. Niet door de afwezigheid van negatieve gevoelens maar juist door die lastige emoties met de goeie mensen te delen om tot oplossingen te komen die bij jouw gevoelsleven passen. We hebben het gevoel dat we ‘autonoom’ zijn als we zelf ons eigen lastige gevoel kunnen wegwerken, zonder het daar met anderen over te hoeven hebben.


Glazen plafonds op weg naar boven

Je kunt je voorstellen dat het door het lastig is om uit dat “ut”-denken te klauteren. Als je niet weet wat je mist is het lastig om te zoeken naar wat je mist (onbewust-onbekwaam) wordt dat wel genoemd op andere plekken. Het zijn van die valkuilen waar je heel gemakkelijk in glijdt op weg naar beneden in de spiraal van een verslaving*. En ze vormen vervolgens glazen plafonds waar je doorheen moet breken op weg naar boven als je echte controle aan het herstellen bent.

Het tegenovergestelde van het “ut”-denken, is wel wat ik “palet-denken” noem. Want er is enerzijds een palet aan lastige gevoelens, dat anderzijds een palet aan mogelijkheden en oplossingen nodig heeft om er mee in evenwicht te komen. Al was het maar dat “ga lekker sporten” minder goed werkt als het regenachtig en koud is buiten. Of dat “Práát er eens over!” toch echt een stuk minder makkelijk wordt als je niet eens zou weten welk woord je moet gebruiken voor je beleving, of dat er geen mensen zijn waar je veilig over je gevoel kunt praten… en dan heb ik het nog niet eens voor je eigen veiligheid. Menige aantrekkelijke vrouw of man kent de ervaring dat zij zich kwetsbaar en verdrietig voelde en dat iemand van die kwetsbaarheid misbruik maakte of het uitlegde als poging tot toenadering en seksualiteit.

I.A.M.:
Verbreedt het smalle ut-denken naar palet-denken!

Creatieve vormen van therapie zoals het knip- en plakwerk dat hoort bij het maken van een ‘moodboard’ om allereerst te zoeken naar de elementen van het gevoelsleven die onder paraplu-begrippen als “ut” en “trek” of “craving” vallen, anderzijds te zoeken naar de verschillende kleuren op het palet van ‘oplossingen’ voor ieder van die lastige gevoelens…

Dit proces een beetje te begrijpen, dat helpt ook voorkomen dat mensen er over gaan denken dat ze een ander “ut” zouden moeten gaan zoeken. “Nu ik gestopt ben met drank probeer ik ut te vinden in sporten! (maar stel nou dat ik mijn enkel verzwik)”. De twijfel in de stem van mensen die dergelijke twijfels hebben pik ik altijd op met enerzijds aandacht voor een lekker breed palet want de angst voor die verzwikte enkel is inderdaad een gezonde angst… en anderzijds is er dan ook wel mijn de opmerking dat ik het wel zou weten als je mij liet kiezen tussen een actieve heroïne/ cocaïne/ alcohol/ GHB-verslaving of een (tijdelijke) sport-verslaving (..).” 🙂


Het lastige van self-coachen

En wederom, als jij jouw eigen coach bent dan is het belangrijk dat je er oog voor houdt dat jouw cliënt (jij, dus) misschien nog niet zo goed in staat om breed te kijken. Dat iemand niet weet wat hij niet ziet als hij er niet naar heeft leren kijken… Dat is altijd een lastige stap om te maken: erkennen dat je niet weet wat je nog niet weet over jezelf. Soms moet je jezelf als coach dan ook maar een leer-traject gunnen waarin iemand anders over jouw schouder mee kijkt, net zoals  dat voor coaches en therapeuten wordt aangeraden.


Volgende week verder met deel 3!

[Deel 01]
over dopamine en veroordeling
[Deel 02]
over minstens twee paletten
[Deel 03]
over de emoties over verslaving
[Deel 04]
over (jouw/jullie) toekomst

Oh, en als ik jou dus als integrative addiction coach, of als partner, of als self-coach ergens bij kan helpen, laat me dat dan weten.

Hans West

Integrative Addiction Management (individuele, en partner coaching) sinds 1996. Als je geen zin hebt om in de boeken terecht te komen als “verslaafde”, als je wilt dat ik langs kom bij jou i.p.v. je te moeten aanmelden bij instanties… Als je jouw leven zelf in de hand wilt gaan nemen.

(aanvullende theorieën te vinden op West-coaching.nl*)

Mijn vraag aan jou:

Als jij iets hebt gehad aan dit artikel, of jij weet iemand die hier iets aan zou kunnen hebben: gebruik dan de social media sharing-buttons hier beneden om het onder de aandacht van mensen te brengen die er óók iets aan zouden kunnen hebben.


Als je hierover meer wilt weten of als je het hier wat uitgebreidere over wilt hebben met me, laat het me even weten:

cupofteacupofcoffee

…als je eens (eventueel anoniem) wilt praten
bij een kopje thee of koffie?..
dat kan!*


Zelf aan de slag?: Praat eens met Hans .. *klik hier*

Of -als gezegd- drink eerst eens samen met Hans een kopje koffie* om je te informeren?

• Zie FAQ’s •

Gratis en zonder verplichtingen


zelfs geen emailadres als je niet wilt 🙂

PraatmetHans.nl

Last van verslaving? PraatmetHans .nl

 

Geef hier jouw reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.